Kleinhoefstraat 4
2440 Geel
014 56 23 10
info@khk.be
Waar bevindt u zich in deze site: Home > Opleidingen > Lager onderwijs (Turnhout)
Bachelor in het onderwijs: lager onderwijs (Turnhout)
Opleiding
Studeren praktisch
Info 2012-2013
Wie slaagt, wie niet?
Hoeveel?
“Hoeveel percent van de studenten slaagt in het eerste jaar van de opleiding?” is een veel gestelde vraag. Daar is moeilijk op te antwoorden, niet omdat we dat niet zouden willen, maar omdat we elkaar eerst duidelijk moeten begrijpen. Mythes en praatjes die op niets berusten zijn immers zo snel geboren …
Wanneer gemeten?
Ten eerste hangt het slaagpercentage af van wanneer je begint te meten: omdat sommige studenten tijdens het jaar afhaken, en niet meer meedoen aan de juni-examens bv., geeft een meting van studenten die aan de juni-examens beginnen een hoger slaagpercentage dan bv. een meting die álle ooit ingeschreven studenten beschouwt.
Gemotiveerd?
Ten tweede doen we al jaren aan studietijdmetingen en studiebegeleiding. Uit dit eigen onderzoek en uit binnen- en buitenlands onderzoek weten we met wetenschappelijke zekerheid dat van alle factoren die de slaagkansen beïnvloeden motivatie veruit de belangrijkste is. Motivatie kan een enorme motor zijn die een wat minder geschikte vooropleiding volledig compenseert; gebrek aan motivatie kan het meest ideale voortraject ombuigen tot een waardeloze springplank naar succes. Om het op een positieve noot te houden: in "Bachelor lager onderwijs" studeerden al vele studenten af, met succes tot zelfs groot succes, die in hun eerste jaar een handicap weg te werken hadden m.b.t. hun vooropleiding. Motivatie verzet bergen.
Regelmatig?
Een andere vaststelling uit ons onderzoek is dat regelmatig studerende studenten duidelijk meer kans hebben om het te halen dan studenten die in “pieken” en “dalen” studeren. Studeren is een beetje zoals het leegdrinken van een fles jenever: elke dag een borrel is beter dan in één keer de hele fles …
Cijfers, maar toch opletten …
De cijfers in het volgende kadertje geven aan hoeveel studenten gemiddeld slaagden tijdens de 9 vorige academiejaren. Statistisch zit dat dus wel goed, maar de opmerkingen uit de vorige paragrafen blijven onverkort gelden.
studenten komende uit |
gemiddeld percentage geslaagde studenten |
ASO |
80 % |
TSO |
42.5 % |
BSO |
10 % |
KSO |
50 % |
Twee bemerkingen nog. Ten eerste is de indeling nogal grof. Zo slaagden 80 % van de studenten komende uit de TSO-richting Techniek-Wetenschappen, wat veel meer is dan de 42.5 % voor de ganse groep TSO-studenten. Ten tweede gebiedt de eerlijkheid ons te zeggen dat het percentage geslaagde studenten uit KSO gebaseerd is op een wel erg klein aantal.

